Site navigation

 

 

 

Administratiekosten, Hypotheken
De kosten die een geldverstrekker in rekening brengt voor het afsluiten van een hypotheekaanvraag.

Aflossingsvrije hypotheek
Bij de aflossingsvrije hypotheek wordt een bepaald gedeelte van de hypotheek niet afgelost, over dit deel wordt slechts rente betaalt. Voor het overige deel wordt een andere hypotheekvorm gekozen en er is dus sprake van een combinatie van hypotheken.

Afsluitprovisie
De administratiekosten die men betaalt aan de bank indien men een hypotheek aansluit. Vaak is dit +/- 1% van het geleende bedrag.

Annuïteitenhypotheek
Elk jaar betaalt men een vast bedrag, dat is samengesteld uit rente en aflossing. De eerste jaren is het aflossingsbestanddeel zeer laag en de rente hoog, later betaalt men weinig rente en veel aflossing. De belastingaftrek wordt dus steeds minder. De aanvangslasten zijn laag, waardoor een relatief "hoge" lening kan worden afgesloten.

Bankgarantie
Een garantie van de geldverstrekker, dat de waarborgsom die de koper bij nalatigheid aan de verkoper moet betalen, wordt voldaan.

Boedelscheiding
Het verdelen van de bezittingen, wat in bepaalde situaties noodzakelijk is, b.v. bij scheidingen en overlijden. Het gaat niet alleen om tastbare zaken, maar ook om schulden en tegoeden. Indien de betrokkenen onderling geen afspraken over de verdeling kunnen maken, kan een notaris de verdere afhandeling regelen als er om een uitspraak van de rechtbank wordt gevraagd.

Dagrente
De op een bepaalde dag geldende rente voor nieuw af te sluiten hypotheken.

Effectieve rente
Bij de effectieve rente wordt naast de nominale rente ook rekening gehouden met het moment waarop de hypotheekrente is verschuldigd (vooraf of achteraf, per maand of kwartaal) en eventuele afsluitkosten. (Ook: bruto werkelijke rente.)

Erfpacht
Een zakelijk recht om gebruik te maken van een aan een ander toebehorend stuk grond. De vergoeding die hiervoor moet worden betaald, heet het erfpachteanon en is fiscaal aftrekbaar.

Executiewaarde
De geschatte waarde van een huis bij gedwongen verkoop, meestal 70% tot 90% van de opbrengst bij vrije verkoop.

Extra aflossing
Aflossing boven het bedrag dat contractueel moet worden afgelost. Extra aflossingen zijn vaak tot een bepaald bedrag boetevrij.

Gedwongen verkoop
Gedwongen onderhandse of openbare verkoop. Als een eigenaar niet aan de betalings- verplichtingen voldoet, kan de geldverstrekker hiertoe overgaan.

Gemeentegarantie
Op 1-1-1995 vervangen door de Nationale Hypotheek Garantie. Alleen in Amhem en Groningen bestaat er nog een vorm van gemeentegarantie.

Geregistreerd partnerschap
Partners van gelijk of verschillend geslacht kunnen hun relatie officieel laten erkennen. Dit kan door het partnerschap te laten registreren bij de Burgerlijke Stand.

Gewenningssubsidieregeling
Mensen met een laag- of middeninkomen die een huurhuis willen kopen, kunnen een subsidie krijgen om te wennen aan de (vaak in het begin) hogere woonlasten van een eigen woning.

Herbouwwaarde
Het bedrag, benodigd voor herbouw van het verzekerde gebouw onmiddellijk na het voorval op dezelfde plaats met dezelfde bestemming en voorzieningen; qua uitvoering min of meer identiek.

Huurwaardeforfait
Fictieve huurinkomsten van uw woning, die door de fiscus worden vastgesteld. Het huurwaardeforfait wordt bij uw inkomen opgeteld voor de berekening van de inkomstenbelasting.

Hypotheekakte
De akte die bij de notaris moet passeren voor het afsluiten van een hypotheek. Deze akte wordt opgenomen in het hypotheekregister van het Kadaster.

Hypotheekgever
Degene die een hypothecaire lening afsluit en daarbij een huis als onderpand inbrengt.

Hypotheeknemer
De geldverstrekker, zoals een bank, verzekeringsmaatschappij of pensioenfonds.

Kadaster
Instelling waar alle onroerende zaken staan geregistreerd. Het Kadaster verstrekt informatie over de eigenaar, de koopsom bij de vorige verkoop, de oppervlakte van de onroerende zaak, de hypotheek etc.

Levenhypotheek
Bij een levenhypotheek wordt geen aflossing betaalt, maar een premie voor een
levensverzekering en rente over het geleende bedrag. De verzekeringsuitkering aan het einde is bedoeld om de lening af te lossen. Deze hypotheek met name fiscaal aantrekkelijk als u een hoger inkomen heeft.

Lineaire hypotheek
Elk jaar lost men een vast bedrag af en tevens wordt rente betaald over het nog openstaande bedrag. Daardoor neemt ook de rentelast af. De aanvangslasten zijn bij deze vorm het hoogst, maar de lasten dalen relatief snel door de aflossing. Dit is een geschikte hypotheek voor mensen die voorzien dat hun inkomen in de toekomst lager zal worden.

Nationale hypotheekgarantie
Het Rijk stelt zich garant voor hypotheekverplichtingen bij woningen tot een bepaalde
koopprijs. Vroeger was deze vorm van borgtocht de "Gemeentegarantie". Omdat de bank met deze nationale hypotheekgarantie meer zekerheid heeft, krijgt men korting op de hypotheekrente.

Netto werkelijke rente
De werkelijke kostprijs van een hypotheek. Daarbij wordt onder andere rekening gehouden met alle bijkomende kosten en de fiscale voordelen.

Nominale rente
De rente die door de geldverstrekker wordt gehanteerd, zonder rekening te houden met de bijkomende kosten.

Notariskosten
De kosten die de notaris voor het passeren en registreren van de hypotheek- en transportakte in rekening brengt.

Onderhandse verkoopwaarde
De waarde van een huis op de vrije markt (ook: vrije verkoopwaarde).

Onroerende zaakbelasting
Gemeentelijke belasting aan eigenaren en gebruikers van woningen.

Ontbindende voorwaarde
Een bepaling in het voorlopig koopcontract op basis waarvan de overeenkomst zonder kosten kan worden ontbonden. Belangrijke ontbindende voorwaarden zijn het rondkrijgen van de financiering en een woonvergunning.

Opstalverzekering
Verzekering tegen schade aan de woning (niet de inboedel), door bijvoorbeeld brand, blikseminslag, vandalisme.

Overbruggingskrediet
Lening om de tijd te overbruggen tussen de aankoop van een nieuw huis en de verkoop van het oude huis. Daarbij wordt gebruik gemaakt van de overwaarde van het oude huis.

Overdrachtsbelasting
De belasting, die geheven wordt bij de overdracht van een bestaand huis. Dit is 6% van de koopsom en wordt meestal door de koper betaald (kosten koper).

Oversluiten
Het opnieuw afsluiten van de hypotheek tegen betere voorwaarden of een lagere rente. De meeste geldverstrekkers hanteren hierbij echter ongunstige boeteclausules.

Overwaarde
Het ondertekenen van de hypotheek, en/of transportakte bij de notaris.

Passeren
Het opnieuw afsluiten van de hypotheek tegen betere voorwaarden of een lagere rente. De meeste geldverstrekkers hanteren hierbij echter ongunstige boeteclausules.

Premiewoning
Nieuwbouwwoning waarop de overheid subsidie verleent.

Rentebedenktijd
De mogelijkheid om zelf te bepalen op welk moment een rentevaste periode begint.

Rentevaste periode
Een periode, waarin de rente gelijk blijft. Voor een lange rentevaste periode hanteren geldverstrekkers vaak een hogere rente.

Spaarhypotheek
Tijdens de looptijd van de hypotheek vindt geen aflossing plaats, zodat de fiscale aftrek maximaal is. Daarnaast betaalt men een spaardeel. De rente die men hierover ontvangt is net zo hoog als de rente die u betaalt over de hypotheekschuld. Aan het eind van de looptijd wordt de hypotheekschuld geheel betaald uit dit opgebouwde spaarpotje.

Taxatie
Waardebepaling van het huis door een (beëdigd) taxateur.

Tophypotheek
De mogelijkheid om een extra hoge hypotheek af te sluiten, tot maximaal 150% van de executiewaarde.


Transportakte
De akte die door de notaris wordt opgemaakt bij de koop en verkoop van een woning. (Ook: akte van levering.)


Variabele rente
Bij een hypotheek met variabele rente is er geen rentevaste periode en betaalt men telkens de dan geldende dagrente. De variabele rente kan per dag, per maand, per kwartaal of per half jaar worden aangepast.

Vrijesectorwoning
Een huis waarop geen subsidie wordt verstrekt.

Voorlopige teruggave loonbelasting
De hypotheekrente is fiscaal aftrekbaar. In de meeste gevallen is het mogelijk deze belastingaftrek maandelijks rechtstreeks met de belastingdienst te verrekenen.

Voorlopig koopcontract
Het koopcontract dat vooraf gaat aan de overdracht bij de notaris. Dit contract is niet zo voorlopig als het lijkt, het kan alleen worden ontbonden onder bepaalde voorwaarden. (Zie: ontbindende voorwaarde.)

Rentevaste periode
Eenrente.

Waarborgsom
De koper betaalt na het ondertekenen van de koopakte vaak een borg. Deze waarborgsom of aanbetaling neemt de notaris in ontvangst.

WOZ-waarde
De wet Waardering Onroerende Zaken voorkomt grote waardeverschillen tussen vergelijkbare onroerende zaken. De waardebepaling van de woning is van invloed op de hoogte van verschillende heffingen zoals de gemeentelijke onroerende zaakbelasting en het huurwaardeforfait.
Copyright (c) 2006. De Konink Vastgoed BV. Developed by TrioInc.